Reflecties

Wetenschapsfilosofie op een zaterdagavond.

Een goede wetenschappelijke theorie kan nooit als de ‘ultieme waarheid’ worden bevestigd, aldus Karl Popper. Een wetenschappelijke theorie is namelijk altijd een risicovolle uitspraak die soms weer wordt weerlegd. De mogelijkheid tot weerlegging is volgens Popper geen negatieve eigenschap, het maakt de theorie juist sterker. Popper introduceerde met dit idee, het falsificatiebeginsel. In plaats van theorieën te formuleren die bijna met alle waarnemingen te verenigen zijn- met toetsbaarheid of met verificatie- moeten wetenschappelijke theorieën op een zo kwetsbaar mogelijke manier geformuleerd worden: Ze moeten open zijn voor kritische en empirische weerleggingen. Theorieën die niet falsifieerbaar zijn, zijn volgens Popper niet wetenschappelijk.

Experten die geen kritiek dulden zijn geen wetenschappers, maar propagandisten...

Als een theorie in principe wel falsifieerbaar is, maar herhaaldelijke pogingen tot falsificatie heeft weten te doorstaan, dan wordt de theorie 'bekrachtigd' (in het Engels 'corroborated'); Ter onderscheiding van het sterkere 'bevestigd' en is dus wetenschappelijk.

Popper wou niet alleen in de wetenschappelijke maar ook in de maatschappelijke werkelijkheid uit blijven gaan van het primaat van de falsifieerbaarheid. Wij hebben, in de maatschappelijke werkelijkheid- binnen onze leefwereld vol betekenissen- nog meer dan in de wetenschappelijke werkelijkheid, de waarheid nooit in pacht en we kunnen daarom beter van het negatieve dan van het positieve uitgaan. Kortom van de invraagstelling, de kritische bedenking, de twijfel of van- om het in de termen van Popper te zeggen- de falsificatie.

Poppers sociale en politieke filosofie kan voor die reden goed vergeleken worden met de houding van onze overheid tijdens deze opgeklopte crisis. Door zich patriarchaal en autoritair op te stellen zegt de overheid zowel ‘neen’ als ‘ja’. Zij zegt ‘neen’ tegen besmetting, die zij niet meer accepteert en actief gaat bestrijden koste wat het kost, maar die strijd voert zij in naam van een ‘ja’, een waarde die zij met alle burgers meent te delen. Het ‘neen’ blijft hierbij altijd het primaat behouden. De karikatuur, de ontsporingen, de haat en de polarisatie die er gezaaid wordt- door middel van de media- en de disproportionaliteit van dit beleid komt voort uit een te snel en te groot ‘ja’. In plaats van aan crisismanagement te doen- hun oorspronkelijke en tijdelijke taak- en i.p.v. wat dit virus gereveleerd heeft- met name de gevolgen van corruptie, politieke mismanagement en jarenlange besparingen op de zorg- aan te pakken, doet de regering aan virusmanagement en belooft ze een gelukkige toekomst in naam waarvan in het heden het geweld vrij spel krijgt.

Het schone doel heiligt de vuile middelen. Wanneer dit doel dan ook nog- zoals Popper betoogt- als een absolute, wetenschappelijke waarheid wordt gepresenteerd, bevinden we ons niet op de weg naar de hemel, maar naar de hel.

'So, whenever a theory appears to you as the only possible one, take this as a sign that you have neither understood the theory nor the problem which it was intended to solve (Popper).'

Ora Chardon